Ad had geen idee wat hem te wachten stond. “Ik dacht dat het wel een beetje hetzelfde zou zijn als de ouderenzorg. Maar het eerste wat ze hier zeiden, was: ‘Het is niet te vergelijken.’ En dat klopt. Het is hier zoveel levendiger! De bewoners, de sfeer, alles bruist gewoon meer. Het was echt een duik in het diepe, maar ik heb er nog geen seconde spijt van gehad.”
Hij begon met wandelen met bewoners. “In het begin is dat even wennen. Je moet je weg vinden: hoe ga je met iedereen om? Wat werkt wel, wat niet? Maar zodra je ziet hoe bewoners genieten van een wandeling, weet je waarom je het doet. Soms zit het plezier in iets heel kleins. De één wordt blij van een mooie veer op de grond, de ander van een vrachtwagen met veel chroom en een grote toeter. Dan geniet ik zelf ook mee. Je realiseert je dat je zelf vaak aan zulke dingen voorbijloopt.”
“Het is hier zoveel levendiger! De bewoners, de sfeer, alles bruist.”
Meezingen in het zwembad
Aan het begin van de zomer kwam Ad toevallig bij het zwemmen terecht. En daar is hij sindsdien wekelijks te vinden. “Ik ga er elke week heen. Eerst met Fred, die ik moet vasthouden in het water. Hij heeft een zwemkraag om en dobbert lekker rond. En daarna met Pamela. Het is heel erg gezellig. Er staat Nederlandstalige muziek op en sommige bewoners zingen uit volle borst mee. Fred niet, maar hij neuriet soms wat. Sommigen kennen de teksten uit hun hoofd, anderen verzinnen er gewoon wat bij. En het rijmt altijd! Dat vind ik echt ongelofelijk.”
Bij speciale activiteiten is Ad ook van de partij. Zo hielp hij tijdens de feestweek in september mee met de speurtocht. “Bewoners moesten tekeningen zoeken die op het terrein hingen. Maar één tekening was ineens verdwenen. Toen bleek dat een bewoner, die fanatiek afval aan het rapen was, hem per ongeluk had weggegooid. Niemand werd boos, iedereen moest lachen. Dat vind ik zo mooi: je lacht met elkaar, niet om elkaar.”
Bewondering
Wat Ad vooral raakt, is de sfeer. “De bewoners zijn bijzonder, elk op hun eigen manier. En de medewerkers vind ik echt fantastisch. Ik ben alleen nog maar aardige mensen tegengekomen. Ik heb veel bewondering voor ze. Voor mij is dit een paar uurtjes per week, maar zij doen dit dag in, dag uit. Als ik zie wat voor inspanning het vraagt om te wandelen of te zwemmen met bewoners, dan heb ik daar echt respect voor.”
Hoewel Ad nog maar kort vrijwilliger is, voelt het alsof hij hier zijn plek gevonden heeft. “Er zijn mensen die dit al meer dan 25 jaar doen, dat vind ik echt bewonderenswaardig. Ik sta nog maar aan het begin. Maar ik wil dit zeker blijven doen!”
