Volg ons
Search
Close this search box.

Indicatiestellingen

Als je blijvend intensieve zorg nodig hebt of de hele dag toezicht, dan kun je zorg vanuit de Wet Langdurige Zorg (WLZ) aanvragen. Om de zorg, begeleiding en bijbehorende vergoedingen ook daadwerkelijk te krijgen, is er een geldige en passende indicatie nodig. Een toekenning vanuit de WLZ krijg je indien je blijvend afhankelijk bent van zorg of begeleiding.

S&L Zorg is als zorgaanbieder verplicht haar cliënten een passende indicatie te bieden. Vrijwel al onze cliënten hebben een Wlz-indicatie, toegekend door het CIZ, Centrum indicatiestelling zorg. Wanneer je bij ons komt wonen, heb je al een geldige indicatie. Deze indicatie is in de basis voor onbepaalde tijd, maar we blijven continu kritisch kijken naar de zorgvraag en begeleidingsvraag van onze cliënten. Verandert deze, dan gaan de orthopedagoog, teamleider en zorgcoördinator van een cliënt samen in overleg. Eveline Boekema, cliëntadviseur bij S&L Zorg, legt het nog wat verder uit: “Als het team rondom een cliënt vaststelt dat de indicatie niet meer passend is bij de veranderde zorg- en begeleidingsvraag van de cliënt, dan gaan wij alle benodigde informatie verzamelen voor het CIZ. In bijna alle gevallen wordt de aangevraagde indicatie ook toegewezen als besluit van het CIZ. We zorgen van tevoren dat een dossier goed op orde is en kunnen met elkaar al inschatten welk zorgprofiel het best passend is. Hiervoor werken we nauw samen met alle betrokken collega’s.” Een herindicatie kan bijvoorbeeld nodig zijn bij een cliënt die altijd mobiel is geweest, maar nu in een rolstoel zit. Daar hoort andere zorg en begeleiding bij, en een andere financiering.

Extra maatregelen nodig en dan?

Naast de indicatie voor wonen, behandeling en vaak ook dagbesteding kan er ook een Bopz-indicatie nodig zijn. Merken cliëntbegeleiders op dat een cliënt bijvoorbeeld steeds meer verward raakt en vaak wegloopt, dan kan het nodig zijn de deur van een cliënt ‘s nachts op slot te doen. De Bopz heeft als doel de veiligheid van de cliënt en zijn omgeving te waarborgen. Cathy van der Wouden, cliëntadviseur bij S&L Zorg: “Binnen S&L Zorg streven we juist naar de afbouw van dergelijke maatregelen, maar soms kan het niet anders. Pas na overleg met alle betrokkenen: begeleiding, behandelaar en uiteraard de wettelijk vertegenwoordiger, dienen we een Bopz-aanvraag in bij het CIZ. Om vast te stellen of een dergelijke maatregel uitgevoerd mag worden, is de onderzoeker van het CIZ wettelijk verplicht de cliënt persoonlijk te bezoeken. Er moet worden vastgesteld dat een cliënt echt niet in staat is zelf een besluit of verantwoordelijkheid te nemen. Ook als een cliënt zelf niet kan praten en antwoorden, of het zelfs niet hoort, moet de onderzoeker zich vanuit juridisch oogpunt met de vragen richten tot de cliënt.”

Bij indicaties komt veel kijken; het dossier moet op orde zijn en de nodige overleggen met professionals zijn noodzakelijk. Het resultaat is een zo passend mogelijke indicatie, die leidt tot de beste zorg en begeleiding voor onze cliënten. Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) beoordeelt of dat iemand in aanmerking komt voor WLZ-zorg, in de vorm van een indicatiestelling. CIZ is een onafhankelijke organisatie, die direct onder het ministerie van volksgezondheid valt. Jeanne van Baal is werkzaam als onderzoeker bij CIZ West-Brabant. Hoe gaat dat nou in zijn werk, zo’n indicatie en wat doet het CIZ precies?

“Wij geven langdurige indicaties voor de Wet langdurige zorg. De Wlz is de zorg voor mensen die een blijvende opname in een instelling nodig hebben, of deze blijvende intensieve zorg thuis willen krijgen. Er moet een blijvendheid zijn vastgesteld bij de beperking. Dat wil zeggen dat er geen groei- en ontwikkelingsmogelijkheden meer zijn of worden verwacht. Zo geven we maar weinig kinderen onder de vijf jaar een indicatie, omdat zij vaak nog kans hebben op een ontwikkeling, hoe klein ook.”

“Een indicatiestelling start met een verzoek van een cliënt of wettelijk vertegenwoordiger zelf, een zorgorganisatie of een verwijzing vanuit de gemeente. Vaak komt het verzoek van de laatste twee. Zij kunnen vaak ook een completere beschrijving van de situatie geven, met de benodigde documentatie. De aanvraag komt binnen in ons systeem, inclusief handtekening voor toestemming van de cliënt. Op ons centrale kantoor wordt gekeken of dat het papierwerk volledig is.”

“Ons team, regio West-Brabant, bestaat uit twaalf onderzoekers, waar ik er één van ben. Ik krijg vervolgens een aanvraag doorgespeeld en ga deze controleren. Heb ik alles compleet, is het een duidelijk verhaal? Dan kan het dossier beoordeeld worden met dossieronderzoek door onze beoordelaars. Ik bepaal welke route er wordt doorlopen. Er zijn namelijk ook regelmatig complexe zaken. Dan kijk ik bijvoorbeeld of dat er voor de beoordeling nog een arts betrokken moet worden. We hebben een eigen CIZ-arts die de medische zaken met andere medische professionals oppakt. Zelf kan ik ook al veel conclusies trekken door mijn kennis en ervaring, maar ik ben natuurlijk geen dokter. Bij twijfel beoordeelt de CIZ-arts de medische gegevens of neemt contact op met de behandelaar die bij de cliënt betrokken is.”

Persoonlijk contact

“We vinden het erg belangrijk om persoonlijk contact te hebben. Zodra een aanvraag binnenkomt, stuur ik de cliënt een brief waarin ik mezelf voorstel en aangeef dat ik zijn of haar dossier ga beheren. Ze kunnen mij altijd bellen. Vaak ga ik ook nog op huisbezoek, bij iemand thuis of bij de zorginstelling. Dan ga ik in gesprek met de cliënt, indien mogelijk, en familie of begeleiders. Je kunt elkaar dan makkelijker en persoonlijker dingen vertellen. Bij een Bopz-indicatie is dit persoonlijke contact ook verplicht. Dit is een beoordeling of een opname via de wet Bopz, die noodzakelijk is wanneer een cliënt tijdelijke, verplichte maatregelen opgelegd moet krijgen. Dit om de cliënt te kunnen beschermen.”

“Na zo’n gesprek ga ik nadenken over de uitkomst. Het belangrijkste is uiteindelijk dat het voor de cliënt een zo goed mogelijk besluit is. Een besluit neem ik niet altijd alleen; soms is een arts of een collega betrokken voor extra controle of dat het juiste besluit wordt genomen. En dat is alleen maar goed. Als het besluit genomen is, gaat er een besluitbrief naar de cliënt of de wettelijk vertegenwoordiger en bel ik er achteraan. Mocht er ooit een herindicatie nodig zijn, dan streven we er ook naar dit met dezelfde onderzoeker te doen.” “Je moet je goed beseffen dat wanneer wij een besluit nemen, dit niet gemakkelijk is terug te draaien. Een cliënt kan de aanvraag intrekken tot aan het besluit, maar zodra de brief is verstuurd, staat de indicatie vast.”

“We vinden het erg belangrijk om persoonlijk contact te hebben. Je kunt elkaar dan makkelijker dingen vertellen.”

Contactpersoon

“Naast mijn rol als onderzoeker ben ik ook contactpersoon voor onder andere S&L Zorg. Iedereen uit mijn team heeft zo een paar instellingen. Ik heb contact over individuele vragen, zoals wat er nodig is voor een bepaalde cliënt, bij Bopz-indicaties of dat een onderzoek nog actueel genoeg is. Daarnaast zijn er ook overstijgende vragen over ons beleid en onze werkwijze. Op deze manier werken we fijn samen aan de meest geschikte indicatiestelling voor iedere cliënt. Wat past bij hen en wat hebben ze nodig.”

www.ciz.nl
Voor professionals en cliënten

www.regelhulp.nl
Voor vragen over het indienen van een indicatievraag, of waar je terecht kunt met je vraag.

Geplaatst op: 12 juni 2017

Ook leuk om te lezen!

Vorige
Volgende
Ga naar de inhoud